Homeoud-examensmanagement-for-engineers
Alle vakken

Management for Engineers

4 examens beschikbaar over 4 examenjaren

Dit portaal werkt voor & door studenten. Heb je recent een examen gemaakt? Help je medestudenten en stuur je vragen in!

Examenvragen Insturen
Examenjaren TimelineAlle jaren getoond

Examenjaar 2024-2025

1 examen
1ste Semester1 item

Examen Vragen

Geen datum

Management for Engineers

Examen 2024-2025

Versie 1

  1. Theorievragen:

    • a. What is capital budgeting? Name 3 limitations and indicate in which strategy school it belongs. Indicate where it is applicable: personal life, small company, big company, government body.
    • b. What are the advantages and disadvantages of starting a small company as a natural person versus as a private company (legal entity)?
    • c. What is the product life cycle and in which school of strategy does it belong?
    • d. Sometimes people possess inside information regarding products, production, etc. This is restricted in some countries, but less in others. How is inside information advantageous or disadvantageous for futures markets?
  2. Investment analysis: All monetary values are in million monetary units.

    • Er is eerst 150 nodig voor setup, met een ontwikkelingstijd van 2 jaar.
    • Na 2 jaar is er 50% kans dat het product gelanceerd kan worden. Indien het niet gelanceerd kan worden, kunnen de rechten verkocht worden voor 40.
    • Voor de effectieve lancering is een bijkomende investering van 20 nodig.
    • De lancering leidt gedurende 5 jaar tot een jaarlijkse cashflow van 40.
    • Na die periode is er 80% kans dat de rechten van het proces doorverkocht kunnen worden aan een ander bedrijf voor 40.
    • De cost of capital voor het bedrijf bedraagt 5%.
    • 20% van de jaarlijkse cashflow van 40 bestaat uit overheidssubsidies.

    Vragen:

    • a. Zou je de investering aanraden vanuit privaat oogpunt? Waarom (niet)?
    • b. Stel dat je vooraf een R&D-traject kan doen van 5 miljoen en je daardoor zekerheid krijgt dat de lancering lukt én dat je de rechten in jaar 8 kan doorverkopen. Zou je dat aanraden? Waarom (niet)?
    • c. Voer een publieke kosten-batenanalyse uit:
      • Vraagfunctie: $P = 6 - Q$
      • Aanbodfunctie verschuift na lancering van $P = 5 + Q$ naar $P = 3 + Q$.
      • Publieke cost of capital bedraagt 2%.
  3. Mathematical programming: Een houtverwerkend bedrijf zet maandelijks $20 \times 10^6 \text{ m}^3$ boomstammen (wood logs) om in een mix van 4 producten: lumber, plywood, OSB en wood pellets.

    • De wood logs hebben een dichtheid van $800 \text{ kg/m}^3$, waarvan $500 \text{ kg/m}^3$ naar het uiteindelijke product gaat en $300 \text{ kg/m}^3$ water is dat in een droogoven moet verdampen.
    • Er is $1 \text{ MWh}$ energie nodig per ton water die verdampt wordt.
    • De oven wordt gestookt met droge houtpellets: energiewaarde van $5 \text{ MWh}$ per ton pellets.
    • Eigenschappen per productielijn:
      • Lumber: max. capaciteit $15 \times 10^6 \text{ m}^3\text{/maand}$, conversieratio van logs naar product is 60%.
      • Plywood: max. capaciteit $5 \times 10^6 \text{ m}^3\text{/maand}$, conversieratio is 40%.
      • OSB: max. capaciteit $5 \times 10^6 \text{ m}^3\text{/maand}$, conversieratio is 80%.
      • Pellets: max. capaciteit $10 \times 10^6 \text{ m}^3\text{/maand}$, conversieratio is 100%.
    • De marktprijzen van de producten variëren afhankelijk van de marktomstandigheden.

    Formuleer het wiskundig programmeringsmodel (beslissingsvariabelen, doelfunctie en randvoorwaarden).


Versie 2

  1. Korte begrippen:

    • Whistle blowing
    • Identified motivation
    • Porter's generic strategies
    • Recency bias
  2. Fiscaliteit & Vennootschapsstructuur: Een ondernemer heeft zeer veel inkomsten (revenue) en weinig aftrekbare kosten, en wil de progressieve personenbelasting vermijden.

    • Leg de verschillen uit tussen progressieve personenbelasting (progressed personal income tax), algemene inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting (corporate/business tax), inclusief de respectievelijke voor- en nadelen.
  3. Investment analysis: Investeringsanalyse van een project rond plantaardige melk (analoog aan Versie 1 van dit jaar, maar waarbij er via de voorafgaande R&D-kost géén zekerheid wordt verkregen over de verkoop van de rechten aan het einde).

  4. Mathematical programming: Optimalisatieprobleem rond mestverwerking met stikstof ($N$) en fosfor ($P$):

    • Mest kan uitgereden worden op het land, of verwerkt worden (waarbij er geen restwaarde overblijft).
    • Mest moet getransporteerd worden.
    • (Combinatie van een klassiek transportmodel en een batterij-/stockagemodel).

Examenjaar 2022-2023

1 examen
1ste Semester1 item

Examen Vragen

Geen datum

Management for Engineers

Examen 2022-2023

Versie 1

Vraag 1: Korte vragen

  1. A contract is closed at 150 €/ton for wheat in the future (August). Just before the contract expires, the person changes the contract and goes short term (buys 50 ton wheat). The spot price now is 180 €/ton and is expected to stay 180 in August. What is the price the person has paid?
  2. What is the Boston Consulting Group (BCG) Matrix?
  3. Give the 5 P's of strategy (Mintzberg).
  4. Give the principles of self-determination theory.
  5. What is the opinion of Frederik Anseel on coaching in management?

Vraag 2: Investment Analysis

All numbers related to costs and revenues in the exercise below are in million monetary units for the sake of simplicity.

A pasta company has the opportunity to invest 100 in the development of a pasta with micro-algae for added proteins. If the company invests, two years are needed to develop the new pasta. At the start of the third year, the launch of the variety costs the company an additional 30, and it is currently expected that it would from then onwards generate a positive cashflow of 50 per year for 15 years.

There is, however, a 30% probability that a market launch is not possible after the two-year development phase. In that case, patents can be sold for 40.

Because of the spread of the pasta, the current supply function of wheat would change from $P = 4 + Q$ to $P = 3 + Q$, starting from the launch. The demand function is $P = 9 - Q$.

20% of the company’s expected cash flow originates from subsidies provided by the government to promote the development of this kind of research. You can assume a cost of capital for the company of 5% and 2% for public costs.

  1. Would you recommend the investment? Why (not)?
  2. Suppose you could do R&D in year 0 ($y_0$), before the investment in research, which gives you certainty about:
      1. if development will be possible, and
      1. if expansion will be possible 3 years after the launch.
        Would you recommend this investment? Why (not)?
  3. From a public viewpoint: What happens with the price and quantity? Calculate the public NPV.

Vraag 3: Mathematical Programming

Oefening rond wiskundig programmeren.

Vraag 4: Casus FTX

Koppel de ondergang van cryptobeurs FTX aan alle relevante concepten uit de cursus omtrent strategisch management en organisatieleer.


Versie 2

  1. Korte vragen:

    • What is the difference between a futures market and a forward market?
    • What are the limitations of capital budgeting?
    • What are Porter’s generic strategies?
    • What is the link between attachment theory and the basic psychological needs?
    • List 4 sources of cognitive bias and explain each in one sentence.
  2. Investment analysis: Oefening over investeringsanalyse.

  3. Mathematical programming: Oefening over wiskundig modelleren / optimalisatie.

  4. Strategisch management: Compare the future prospects between an international public organisation / multinational corporation (e.g. Pfizer) versus an NGO or a cooperative organisation (e.g. Boerenbond).
    (Integreer hierin zowel het hoofdstuk over strategisch management als de verschillende types organisaties).


Examenjaar 2021-2022

1 examen
1ste Semester1 item

Examen Vragen

Geen datum

Management for Engineers

Examen 2021-2022

Versie 1

  1. Organisatievormen: Stel dat je aanzienlijk meer verdient dan je kosten en je geen progressieve personenbelasting wil betalen. Bespreek de mogelijkheden qua organisatievorm en vennootschapsstructuur, inclusief de voor- en nadelen.

  2. Korte begrippen: Leg de volgende concepten kort uit:

    • Against actual contract
    • Recency bias
    • Whistle blowing game
    • Identified motivation
    • Het verschil tussen avoidant/dismissing en resistant/preoccupied hechtingsstijl
  3. Investment analysis: Oefening over investeringsanalyse met berekening van maatschappelijke welvaart (welfare), etc.

  4. Mathematical programming: Oefening rond wiskundig programmeren (optimalisatie).


Versie 2

  1. Organisatie & Recht: Bespreek de juridische mogelijkheden om het erfgoed van de echtgenoot te beschermen tegen een eventueel faillissement van het bedrijf van de echtgenote (bespreek onder andere de verschillende huwelijksvermogensstelsels en vennootschapsvormen).

  2. Korte vragen:

    • a. Wat is de BCG-matrix?
    • b. Oefening over het verschil tussen de forward-, future- en spot market.
    • c. Geef de 5 P's van strategie volgens Mintzberg.
    • d. Wat zijn de basic psychological needs in de self-determination theory?
    • e. Wat is de opinie over coaching uit het interview met Frederik Anseel?
  3. Investment analysis: Oefening op NPV (zowel private als publieke kosten-batenanalyse), waarbij vraag- en aanbodfuncties gegeven zijn.

  4. Mathematical programming: Oefening rond wiskundig programmeren.


Examenjaar 2020-2021

1 examen
1ste Semester1 item

Examen Vragen

Geen datum

Management for Engineers

Examen 2020-2021

  1. Leg de BCG-matrix (Boston Consulting Group matrix) uit.

  2. Vind het Nash-equilibrium in de volgende game:

    Tom: ATom: B
    Sam: A$(1, 1)$$(1, -1)$
    Sam: B$(-1, 1)$$(0, 0)$
👁️ Verborgen tekst
  1. Geef de drie basisprincipes / basisbehoeften van de self-determination theory + leg de link met de attachment theory uit.

  2. Investment analysis: Oefening over drug development (analoog aan de oefening uit de les over investeringsanalyse).

  3. Mathematical programming: Minimaliseer de kosten voor het maken van een brandstofmengsel (fuel blend) uit koolhydraten/componenten ($i$).

    • Elke component heeft een eenheidskost $C_i$, een octaangetal $O_i$ en een calorische waarde $E_i$.
    • Constraints:
      • De totale calorische waarde moet boven een drempelwaarde $E_T$ liggen.
      • Het octaangetal moet boven een drempelwaarde $O_T$ liggen.
    • Geef de wiskundige formulering/oplossing voor het probleem en leg de betekenis van de dual values uit.